Installatie maatvoering uitgelegd: van BSP-draad tot DN-maten
Een installatie maatvoering is buitengewoon belangrijk voor het uitbreiden of vervangen van een installatie. Die maatvoeringen komen immers in allerlei variaties; denk aan een afsluiter die wordt aangeduid in DN15, een koppeling in inches wordt vermeld en millimeters in het geval van een leiding. Kortom: installatie maatvoering kan een wirwar van maten zijn en daarom zeer ingewikkeld voor iemand die gewoon aan de slag wil. Daarom leggen we in dit artikel uit hoe maatvoering werkt, welke maatstelsels je in de praktijk tegenkomt en hoe je makkelijk de juiste draadmaat bepaalt.
Wat bedoelen we met installatie maatvoering?
We beginnen bij het begin: wat bedoelen we met installatie maatvoering? Met installatie maatvoering hebben we een verzamelnaam te pakken die duidt op alle maten binnen technische installaties. Daarbij gaat het niet alleen om de diameter van leidingen, maar ook om aansluitmaten, schroefdraad, hart-op-hart afstanden en nominale leidingdiameters.
Het is ook zeker niet uitgesloten dat binnen een installatie verschillende maatstelsels worden gebruikt. Kunststof leidingen worden bijvoorbeeld meestal aangeduid in millimeters, terwijl appendages en koppelingen veelal gebruikmaken van inchmaten. Het mag duidelijk zijn: voordat je onderdelen gaat bestellen is het goed om te weten op welk maatstelsel je je precies moet richten.
Waarom klopt de gemeten diameter niet met de inchmaat?
Als je inches naar millimeters omrekent, mag je er vanuit gaan dat een aansluiting van 1 inch precies 25,4 millimeter meet, maar dat werkt in de praktijk anders. De inchbenaming slaat namelijk niet op de buitendiameter van de schroefdraad, maar heeft betrekking op een historische leidingmaat. En dat levert het volgende overzicht op.
| Inchmaat | Werkelijke buitendiameter |
| 1/8″ | 9,7 mm |
| 1/4″ | 13,2 mm |
| 3/8″ | 16,7 mm |
| 1/2″ | 21,0 mm |
| 3/4″ | 26,4 mm |
| 1″ | 33,2 mm |
| 1 1/4″ | 41,9 mm |
| 1 1/2″ | 47,8 mm |
| 2″ | 59,6 mm |
Hoe meet je een draadmaat?
Het bepalen van een draadmaat is niet al te ingewikkeld, maar moet natuurlijk wel nauwkeurig verlopen. Gaat het om een buitendraad? Dan meet je met een schuifmaat de grootste diameter van de draad. Gaat het om een binnenmaat, dan meet je de opening van de aansluiting. Schrijf de gemeten waarde op en vergelijk die dan met de BSP-maattabel. Ga niet zelf omrekenen van millimeters naar inches, want de historische maatvoering levert dan vrijwel altijd een verkeerde uitkomst op.
Installateurstabel: BSP, DN en millimeters
Voor installateurs is onderstaande tabel meestal de handigste oplossing. Deze zet de meest voorkomende benamingen naast elkaar, zodat je altijd een duidelijk overzicht hebt van de variatie in installatie maatvoering.
| BSP (inches) | DN-maat | Buitendiameter |
| 1/8″ | DN6 | 9,7 mm |
| 1/4″ | DN8 | 13,2 mm |
| 3/8″ | DN10 | 16,7 mm |
| 1/2″ | DN15 | 21,0 mm |
| 3/4″ | DN20 | 26,4 mm |
| 1″ | DN25 | 33,2 mm |
| 1 1/4″ | DN32 | 41,9 mm |
| 1 1/2″ | DN40 | 47,8 mm |
| 2″ | DN50 | 59,6 mm |
De drie meest voorkomende maatstelsels
Wat zijn nu precies de drie meest voorkomende maatstelsels? We zetten ze op een rijtje:
- Millimeters – Millimeters worden veelal gehanteerd bij moderne leidingsystemen. Denk hierbij aan meerlagenbuizen, koperleidingen en kunststofleidingen. De millimeters verwijzen vrijwel altijd naar de buitendiameter van de leiding.
- Inches – Kijken we naar aansluitingen, koppelingen en appendages, dan wordt er nog veel gewerkt met inches. Deze maten zijn gebaseerd op historische leidingstandaarden.
- DN-maten – DN staat voor Diameter Nominal en DN-maten worden meestal gebruikt voor zaken als afsluiters, pompen, filters en industriële installaties. DN-maten zijn bedoeld als gestandaardiseerde aanduiding van de nominale leidingdiameter.
Wat is BSP-schroefdraad?
Bestel je een fitting, afsluiter of koppeling, dan kom je vaak de afkorting BSP tegen. Dat staat voor British Standard Pipe en is de meest gebruikte schroefdraadstandaard binnen Europese installaties. BSP-schroefdraad wordt onder andere gebruikt bij:
Vrijwel alle gangbare messing-koppelingen en appendages die je in een installatietechnische groothandel (zoals Technim) tegenkomt, maken gebruik van BSP-schroefdraad. BSP kan ook nog onderverdeeld worden in BSPP en BSPTT:
- BSPP, parallelle schroefdraad – Bij BSPP blijft de diameter van de draad over de volledige lengte gelijk en zorgt de schroefdraad niet voor afdichting. Daarvoor maak je meestal gebruik van een rubberen afdichtring of een O-ring. Deze uitvoering is veel te vinden bij sanitair, appendages en installaties waarbij de afdichting eenvoudig vervangbaar moet zijn.
- BSPT, conische schroefdraad – Bij BSPT loopt de draad licht taps toe. Draai je de verbinding verder aan, dan ontstaat er steeds meer klemming tussen de beide delen. Wil je een betrouwbare afdichting, dan maak je vaak gebruik van PTFE-tape, hennep of een vloeibare schroefdraadafdichting. Deze variant vind je vaak terug op gas- en cv-installaties.
Het is belangrijk om te weten welke uitvoering je nodig hebt bij bestelling. Deze twee aansluitingen kunnen dezelfde maat hebben, maar niet op dezelfde manier afdichten.

Veelgemaakte fouten bij het kiezen van een draadmaat
Het is niet verrassend dat bij het kiezen van de juiste draadmaat nogal eens wat fouten worden gemaakt. Die fouten hebben meestal hun oorsprong in die oorzaken:
- Het letterlijk omrekenen van inches naar millimeters – Als je de historische maatvoering negeert, kom je uit op de verkeerde maten. ½ inch wordt dan opeens 12,7 millimeter, in plaats van 21.
- De verschillen tussen BSPP en BSPT vergeten – Deze twee afdichtingsmethoden zijn niet gelijk, ook al zijn de maten dat wel. Hier een verkeerde keuze maken resulteert in een niet-correcte afdichting.
- Alleen kijken naar de diameter – In sommige situaties speelt draadspoed (de afstand tussen twee opeenvolgende windingen van een schroefdraad) een rol, waardoor twee aansluitingen met vrijwel dezelfde diameter toch niet bij elkaar passen.

Welke draadmaten kom je het vaakst tegen?
Kijk je naar woningen en utiliteitsbouw, toch de plaatsen waar je het meeste actief bent, dan kom je vooral de maten ½ inch, ¾ inch en 1 inch tegen. Dit zijn maten die je veelvuldig aantreft bij:
- Cv-installaties
- Waterleidingen
- Afsluiters
- Vulkranen
- Pompaansluitingen
- Vloerverwarmingsverdelers
- Sanitair
Heb je te maken met grotere installaties, dan zijn 1 ¼ inch, 1 ½ inch en 2 inch talrijker.
Installatie maatvoering: voorkom verwarring
Het omrekenen van draadmaten lijkt op het eerste gezicht niet al te ingewikkeld, maar in de praktijk zorgt de historische maatvoering meer dan eens voor verwarring. Immers: de inchmaat die op de fitting staat vermeld, komt niet overeen met de werkelijke diameter. Gebruik je de BSP-omrekentabel, dan voorkom je verkeerde bestellingen en weet je direct welke koppeling, afsluiter of fitting geschikt is voor je installatie.
Het is daarom van belang om altijd eerst de aansluiting op te meten en de uitkomst te vergelijken met de overeenkomstige BSP- en DN-maten. Dan weet je bij je installatie maatvoering altijd dat je het juiste onderdeel bestelt.